DE STRAF VOOR LOKI
naar de Edda

 

Balder, de jeugd, werd gedood door de jaloerse Loki.  De sage hierover vertelde ik u reeds, luisteraar.  Doch het verhaal van de jaloersheid, dat een pijl, gesneden uit onkruid, gebruikte om de wandaad te laten uitvoeren, was niet beëindigd.

Na de doodslag op Balder gingen de ontroostbare Goden naar Hella, de Godin die heerste over het dodenrijk, om Balders terugkeer af te smeken.  En Hella beloofde om Balder terug te schenken aan de Goden, indien alle wezens in het ganse Godenrijk rouwden en treurden om hem. 

Boodschappers van de Goden reisden daarop het Rijk rond, en vroegen aan allen om te treuren, teneinde aan Hella's eis te voldoen.  Het ganse Walhalla voldeed aan de eis, behalve één reuzin, die halsstarrig weigerde te wenen, en zelfs vreugde schepte in Balders dood.

De verontwaardigde Goden ontdekten alras dat deze reuzin slechts één der vele gedaanten was van Loki de jaloerse.  Zij besloten dan ook om hem om zijn weigering tot wenen en om zijn vreugde in andermans onheil, te straffen.

Loki, die wel begreep dat de Goden hem een straf zouden opleggen, wachtte niet af maar verdween uit zijn omgeving en verstopte zich.  Doch de vader van alle Goden, de machtige Odin, zag vanuit zijn heerserszetel de plaats waar Loki voor zichzelf een verborgen huis had gebouwd, ver weg in de bergen.  Het was een uitkijkhuis, met ramen en deuren aan alle zijden, teneinde iedereen die het huis wilde naderen te kunnen zien.  Tegelijk meende Loki daarmee de vlucht naar alle kanten mogelijk te maken, indien hij toch moest ontdekt worden.  Om zich nog beter te beschermen veranderde Loki zich overdag in een zalm.  In die gedaante zwom hij onopgemerkt rond in een helder meertje, dat zich had gevormd onder de waterval nabij zijn huis.

De tijd van Loki was echter bijna om.  Odin vertelde namelijk aan de Asen waar Loki zich schuil hield, en vertelde ook dat hij de macht bezat zich in diergedaanten te verbergen.  De Asen, tuk op wraak voor de moord op Balder en de gemene vreugde vanwege Loki daarom, organiseerden meteen een jachtpartij.

Die avond zat Loki in zijn huis, en maakte de visnetten in orde voor de visvangst van de volgende dag.  Plotseling bemerkte hij door één der vele vensters de Goden die zijn huis naderden.  Hij gooide het visnet in het brandende haardvuur, en vluchtte door een deur tegenover de richting vanwaar de Asen naderden.  Onder aanvoering van Kwasir, de wijze, betraden de Asen het huis.  Kwasir zag dat het leeg was, maar bemerkte tegelijk dat in het haardvuur resten te vinden waren van een verbrand visnet.  Tevens zag hij enkele zilverkleurige schubben aan een stoel kleven.  "Loki heeft niet enkel vis gevangen" sprak Kwasir tot de anderen, "ik denk dat hij zich ook verbergt in de gedaante van een vis".  De Goden maakten daarop een nieuw visnet, en keken daarvoor het patroon af van de as van Loki's net.  Allen waren zij van mening dat hun zoektocht best kon aanvangen bij de nabije waterval.  Zij meenden daar de meeste kansen te hebben om Loki te vangen.

Reeds de daaropvolgende morgen gingen zij naar het meertje, waarin de waterval met veel geraas, waarvan horen en zien verging, zijn water stortte.

Thor nam het ene einde van het visnet, staande op de oever.  Terwijl de Goden op de andere oever het andere einde van het net namen.  Zich verschuilend onder water zag Loki het net liggen.  Onbeweeglijk bleef hij dan ook verstopt tussen twee bodemstenen in.  Hij zag aldus het net steeds dichterbij komen.  Het onderste touw ervan gleed over de beschermende stenen heen, en beroerde slechts even zijn roerloos gehouden zilveren staartvin.  Opgelucht haalde hij adem.  Die adem gaf echter een verraderlijke reeks luchtbellen, die snel en borrelend naar de oppervlakte van het meertje stegen.  Thor, die de luchtbellen had opgemerkt, liet het net verzwaren met stenen, en gaf de opdracht om de plaats waar de bellen zich hadden vertoond, opnieuw af te zoeken.

Ditmaal hadden de Goden wel succes.  Loki probeerde nog wel door een slag met zijn machtige staart te geven, om over het net te springen teneinde alsnog te ontkomen, doch hij had buiten Thor gerekend.  Die stond met open handen klaar, en greep de springende zalm die Loki was.  Zijn vingers leken wel een berenklauw, zo leek het Loki toe, toen Thor hem beet greep.  Wanhopig poogde hij nog zijn glibberige vissenlichaam te ontworstelen aan de greep, maar tevergeefs.  De greep van Thor was dan ook niet van de lichtste, en ontkomen bleek onmogelijk.  Thor, die de glibberigheid niet wist te waarderen, gromde: "je kan maar beter weer je eigen gedaante aannemen, jaloerse Loki, want vissen leven niet lang op het droge.  En ik heb niet de intentie om jou terug te schenken aan het water".

Loki wist dat Thor meende wat hij zei, en nam zijn eigen gedaante terug aan.  Waarbij iedereen vaststelde dat Loki ondersteboven hing, want Thor hield hem bij de enkels omklemd.  Thor kon het niet laten om reeds een bestraffend voorproefje te geven, en liet de spartelende Loki met het hoofd in het water zakken.  Waarop evenwel de andere Goden tussenbeide kwamen: "Nee, doodgaan is nu te veel eer voor hem.  Sleep hem naar de onderwereld en houdt hem daar gekluisterd"!  Thor wist dat dit ook Odins wil was, en liet dus toe dat Loki naar een donker, akelig hol werd gesleept.  Daar zou de straf worden voltrokken.

Thor nam drie rotsblokken die daar verspreid lagen en spleet er een V-vorm in.  De boze Goden namen daarop de ingewanden van Loki's zonen en vlochten daarmee touwen die Loki moesten op zijn plaats houden.  Met die touwen, gevlochten uit betoverde darmen omsnoerden zij vervolgens de polsen, knieën en enkels van Loki.  Tenslotte werden ijzeren bouten gesmeed die toelieten de touwen aan de wanden van het rotshol te bevestigen.  Boven Loki werd daarop een giftige slang gehangen, zodat het gif uit de slangebek steeds weer in Loki's ogen druppelde.  Daardoor kreeg Loki zo'n vreselijke stuiptrekkingen, dat heel Midgaard ervan schudde en daverde. 

Doch Sygin, de vrouw van Loki die hem trouw had beloofd, bleef ook nu haar woord gestand.  "Ik zal voor altijd bij hem blijven", zei ze, "met een grote schaal om het gif op te vangen".  En zo zat de trouwe Sygin voor altijd naast haar man in de donkere, klamme rotsgrot.  Telkens wanneer de schaal vol was met gif, haastte zij zich om deze leeg te gooien.  Doch in de tussentijd drupte toch gif op Loki's gezicht, waardoor telkens een aardbeving ontstond in Midgaard.

Zo zal Loki gebonden blijven tot aan Ragnarok of Godendeemstering.  Want zelfs bij de Goden volgt op elke misdaad onafwendbaar de straf.  Eeuwige straf zelfs na misdaden tegen de ganse Goddelijke sibbe.

 

 

Terug naar top van blad          Terug naar startbladzijde